banner kate

banner kate

Woorden

over leven

links levensverhalen

Moeilijke herinneringen als luchtige cadeautjes

'Vaak krijg ik de vraag hoe je op een luchtige manier over moeilijke ervaringen kunt vertellen. Of hoe je het zelf vol kunt houden om door te gaan wanneer die herinneringen moeilijke emoties boven brengen. In vaktermen is het advies: doseren en ‘show, don’t tell’. Maar da’s wel wat abstract. Een voorbeeldje. Je zou kunnen beginnen met

"Mama, jij bent heel anders dan de mama's van de kindjes in mijn klas. Die zijn secretaresse of verkoopster of verpleegster of zo. En die eten bij de McDonald's of pizza of bij kids playground. En jij schrijft boeken, helpt vluchtelingen en kookt verse groenten met kruiden uit de tuin. Waarom?“

"Hmmm. Omdat mama in haar leven een heleboel hele bijzondere cadeautjes heeft gekregen van heel bijzondere mensen, Tim."

"Wat dan?"

"Elk cadeautje is eigenlijk een verhaaltje. Zal ik jou elke avond één kort verhaaltje vertellen over een heel bijzonder cadeautje?"

"Ja! "

Of je nu wel of geen kind hebt, op die manier dwing je jezelf tot drie dingen:

  1. Elke dag niet meer dan 1 A4-tje, want dat is voor dit soort verhalen de maximale spanningsboog van een kind.
  2. Focus op de essenties in plaats van op gruwelijke details: wat heeft een kind minimaal aan informatie nodig om te begrijpen wat er gebeurde zonder om de hete brei heen te draaien en het met vraagtekens achter te laten?
  3. Focus op de leermomenten in plaats van op al die moeilijke emoties, want die voelt een kind toch wel, maar het leert direct om ze te relativeren in het licht van het leermoment.

"OK, Tim, eerste cadeautje. Toen mijn papa, jouw opa, nog jong was, was het oorlog in zijn land, hier heel ver vandaan, dat heette toen Nederlands-Indië, jij kent het als Indonesië. Soldaten uit een ander land waren toen de baas in Indië. Ze hadden hem met zijn vader, broers en nog heel veel andere mannen en jongens opgesloten. In die gevangenis, we noemen dat een concentratiekamp, mochten ze alleen spulletjes houden die in één rugzakje pasten: dus een slaapmatje, dekentje, één set kleren, bord, bestek, beker en een pannetje om in te koken. Geen speelgoed. Ze kregen meestal alleen een soort slijmerige pap te eten, gemaakt van een tropische wortel, cassave. Opa noemde het ‘blubberpap’. En het was verboden om de kinderen les te geven.

Maar de papa van jouw opa, was een hele verstandige vader. Hij vertelde zijn zoons steeds korte sprookjes, gewoon tijdens het hout hakken of koken. Bijvoorbeeld over Kantjil, een slim, ondeugend dwerghertje, die precies wist welke blaadjes, insecten en wormen in het bos daar, je wel en niet kon eten. En omdat hij geen leerboeken met plaatjes had, beeldde zijn vader elke blaadje, kriebelbeestje of ding uit met zijn handen. Zo kreeg opa stiekem toch een beetje les van zijn vader.”

“Je bedoelt zoals jij mij leerde om ’s avonds schaduwbeestjes op de muur te toveren met je handen achter een lamp?”

“Precies. Maar door die verhalen, vergat opa ook dat hij zijn moeder zo miste en haar lekkere eten. Dus hij luisterde graag naar zijn vaders verhalen, volgde de plaatjes die deze uit zijn handen toverde en at dan ongemerkt toch zijn blubberpap op, mét blaadjes en kriebelbeestjes uit het bos. Zo bleven ze gezond in hun hoofd en lijf, ondanks dat ze in een kamp zaten.

Mijn opa heeft die vertelkunst als cadeautje ook aan mij gegeven. En mama geeft die vertelkunst weer aan haar klanten én aan jou. Want dit soort cadeautjes zijn bedoeld om door te geven.”

schaduwenspel handen

bron: http://www.gespotvoorjou.nl/schaduwspel/

King Arthur en Morgaine

Gebiologeerd keek ik de afgelopen feestdagen naar de film "The mists of Avalon". Een hoogsensitief meisje raakt vermalen in de harde wereld om haar heen. Waarom raakt dat meisje en haar verhaal me zo?

Ik heb als Indisch meisje een traditioneel Hollandse, socialistische opvoeding gekregen. Intussen leef ik als christen met mijn eigen voelsprieten en een hoogsensitief kind in een cultuur die zich bedreigd voelt door zich geradicaliseerde moslims. Ook in ons land gaan stemmen om maatregelen om onze christelijk-westerse levensstijl te behouden. Denkend aan King Arthurs Morgaine, vraag ik me af hoe mijn weg eruit zou moeten zien?

De Keltische de hogepriesteres van Avalon, Viviane, voorzag dat haar kleine nichtje Morgaine de talenten heeft om haar later als hogepriesteres op te volgen. Én dat haar kleine neefje Arthur de talenten heeft om de grote koning te worden. De koning, die het oude, Keltische geloof in de Godin zal behoeden tegen het christendom. Een opkomend, onverdraagzaam christendom, dat elk ander geloof verketterde. Uit angst voor dit christendom manipuleerde de hogepriesteres iedereen meedogenloos. Morgaine werd er woedend om, koos haar eigen weg, maar raakte vermalen in het verdere gekonkel van christenen en Kelten. Ze liet haar ongewenste, door anderen gemanipuleerde zoon ook zijn eigen, noodlottige weg gaan. Het land verzwakte door al die verdeeldheid, de Saxen namen het gewelddadig in en Avalon en Camelot verdween in de mist. Ten slotte hoorde Morgaine een meisje intens bidden tot Moeder Maria. De godin (Moeder Aarde, Moeder Maria, maangodin of nog anders) transformeerde zich dus, maar zou op een of andere manier altijd blijven voor wie met haar wil leven.

King Arthur en Morgaine in de film

(Morgaine en King Arthur in de film)

Ik probeer mijn zoon in mijn werk en privéleven te laten zien dat elke religie of cultuur zijn waardevolle elementen heeft. Dat we elkaar verrijken en plezieren door samen te werken. Maar dat dat alleen kan, wanneer je niet manipuleert of strijdt, maar op voet van gelijkheid, met heel je hart, bereid bent om nieuwe wegen in te slaan. Ook wanneer de gevestigde orde of je buren dat afwijzen.

Morgaine was helderziend, had veel geleerd over geneeskrachtige kruiden, voedingsleer, natuurgeneeswijzen en de Keltische riten voor de godin. Ik gebruik veel kruiden, pas principes van Quantum Balance en NAET toe (genezen met je handen en gedachtenkracht), yoga en moderne psychologie, draai mee in een vooruitstrevende kerkgemeenschap, help mensen op hun eigen manier uit alle culturen met hun levensverhaal en zet mij in voor het werk van Inspiratie Inc. Het zijn methodes die veel mensen uit vele culturen op onderdelen herkennen. Ik leer van hen en zij van mij.

Mijn zoontje van acht nu, is een hypergevoelig ventje die nooit een uitdaging aan zal gaan met mensen waarbij hij zich niet op zijn gemak voelt. Daarom zijn zijn beste vriendjes Marokkaans, Nederlands, Iraans, Surinaams en zelf is hij een mengelmoes met Indisch, Chinees, Portugees, Frans en Nederlandse cultuurinvloeden in de familie. Hij heeft nooit geleerd om vriendjes te kiezen op cultuur, religie of kleur. Wel instinctief op of hij zich bij iemand op zijn gemak voelt, of hij er wat mee kan delen, van kan leren. En op internet kiest hij spelletjes, onderwerpen en knutselwerkjes uit de hele wereld.

Ik verwacht niet dat onze Nederlandse levenswijze kan blijven zoals we gewend waren. We worden een smeltkroes van allerlei culturen en religies. Gelukkig.

Waarom heeft die boom een puntmuts op?

kerstboom puntmuts ballon

Vanochtend ging een moeder met haar dochtertje naar de huisarts in een gezondheidscentrum in Almere. Het oog van het meisje viel op de kerstboom pal tegenover de ingang. Na het bezoek liepen ze er bij het naar buiten gaan weer langs en vroeg het meisje: "Mama, waarom heeft die boom een puntmuts op?“

Ik glimlachte en vroeg me aangenaam verwonderd af vanuit welke beleving het meisje de boom bezag. Had ze net gelezen over kabouters, kerstman of Sinterklaas? Was het een kind uit een andere cultuur? Had ze buiten iemand met een puntmuts zien lopen?

Thuis zoekt Google voor mij op waarom er op een kerstboom een piek zit. Ik lees over Germanen die midwinter vieren, het weer langer worden van de dagen. Dat deden ze onder andere door rode appels in groene bomen te hangen, als teken dat het vruchtbare seizoen weer terug gaat keren. Ook bovenin werd een appel gespietst. En ik lees over pieken die er eerst uitzagen als de kerststerren boven de stal.

Toch vind ik een puntmuts bovenin de boom wel charmante kinderlogica met nog symbolische waarde ook. Het staat voor verbeelding: je vraagt je gelijk af welk verhaal er achter die muts zit. Laat iedereen daar maar eens lekker zijn eigen verhaal bij verzinnen!

Zo moge het zijn.

Leven uit angst of leven uit Liefde

opa in mijnwerkerstenu begroet oma en mijn vader

De kinderen van een Indische broer en zus vragen hun ouders naar het Indische verleden van hun opa. Opa heeft echter nooit verteld over die tijd: de herinneringen waren voor hem te pijnlijk. Broer en zus hebben er een gewoonte van gemaakt om aan hun jaarlijkse, gezamenlijke kerstdiner met de kinderen een thema te verbinden. Dit jaar vragen ze mij om een luchtig verhaal over de Indische tijd die hun vader heeft meegemaakt.

In eerste instantie houd ik de boot af, omdat het mij een onmogelijke opdracht lijkt: hoe kan ik luchtig vertellen over marteling, gebrek en angstige kinderen aan een feestelijk kerstdiner? Maar broer en zus dringen aan en ik duik in de autobiografische stukjes die ik ooit schreef voor de LV-INOG, een zelfhulpgroep van de Indische Na-Oorlogse generaties. Daar blijken ook mooie stukjes tussen te zitten over vergelijkingen tussen kerst in het Japanse concentratiekamp en kerst in ons Indische gezinnetje in Nederland. Ik zeg toe.

In de ochtend van 7 november begin ik te knippen en plakken op mijn computer en zet de radio aan zachtjes aan als achtergrond. Geschokt luister ik hoe Donald Trump de Amerikaanse presidentsverkiezingen wint. Hij geeft stem aan mensen die bang zijn voor Mexicanen, moslims, innoverende, groene industrie en alles wat anders is dan ze gewend zijn. Stemmen en regeren vanuit angst; kan dat leiden tot een zich stabiel ontwikkelende wereld voor iedereen,  vraag ik mij af?

Ondertussen probeer ik mij te concentreren op de vooroorlogse rangen en standen maatschappij in Indië, waar veel gemengdbloedige Indo's zich krampachtig afzetten tegen de 'inlanders' (zoals de Indonesiërs toen werden genoemd). En waar hun koloniale, Nederlandse meerderen zich op hun beurt weer afzetten tegen hen. Het leidt tot een eeuwen lang systeem van misstanden. De Japanners maken er hardhandig een einde aan en zetten westerlingen in concentratiekampen, gebruiken andere volken als dwangarbeiders of nog anders. Met uiteraard nieuwe trauma's tot gevolg. Na de Japanse capitulatie volgen Indonesische vrijheidsstrijders het voorbeeld, vaak even wreed. Het lijkt een vicieuze cirkel die Yoda uit Starwars zo mooi verwoordde: fear leads to anger, anger leads to suffering.

Mijn opa pakte de dingen op zijn eigen vierkante centimeter anders aan. Tijdens zijn werk als opzichter in de steenkoolmijnen van Sumatra behandelde hij de daar te werk gestelde gevangenen en de Javaanse arbeiders altijd met rechtvaardig, respect en mensenliefde. Als dank brachten hun families met Kerst altijd lekkernijen aan huis. In zijn vrije tijd leerde hij ook graag van hen hoe hij rijstlepels kon maken van kokosnoot, welke bladeren uit de jungle je kon eten of gebruiken voor werktuigen, etc. Zo maakte hij vrienden in alle lagen, elkaars talenten ontwikkelend.

In de spaarzame dagen dat hij met zijn oudste zoon samen was in het mannenkamp, leerde hij op zijn beurt aan zijn zoon hoe te (over)leven. Welke bladeren en insecten van de jungle je kon eten, altijd je drinkwater koken maar bovenal: zorg goed voor je vrienden en zelfs voor je vijanden, want dan vergroot je de kans dat zij voor jou zorgen. Opa stelde zich zelfs naar de Japanse soldaten altijd met respect op, "want die zijn ook maar gestuurd en hebben thuis ook een familie".

Kort daarop werd hij verraden en afgevoerd naar een strafkamp, waarvan het niet de bedoeling was dat de gevangenen het zouden overleven. Maar de Japanners konden niet zoveel soldaten missen om al die gevangen, westerse burgers te bewaken. Dus trainden ze jonge, lokale Indonesiërs voor dat werk. Zo ook in opa's strafkamp. Maar onder de bewakers zaten dus ook voormalige mijnwerkers of hun kinderen. Door hun toedoen werd mijn opa steeds net niet de eerstvolgende voor de dagelijkse martelingen en executies. Met twee anderen overleefde hij dat kamp. Ziek, uitgemergeld en als dagelijkse getuige van het lot van de andere gevangenen. Maar na de capitulatie verboden de Indonesische vrijheidsstrijders de bevolking om voor mijn opa te zorgen op straffe van... Het zoontje van de Chinese slager die mijn opa vroeger vlees toestopte na de jacht op wilde varkens, waagde echter zijn leven en bezorgde een noodkreet van mijn opa in Padang bij mijn opa's oudste dochter (slechts een uur of zes over onverharde wegen door een jungle vol onafhankelijkheidsstrijd). Mijn tante rende met het briefje naar een regiment Gurka's en ternauwernood kon mijn opa worden ontzet.

Terug naar het kerstverhaal voor de Indische broer en zus. Nee, mijn opa's verhaal vind ik te heftig voor kerst en ik knip het eruit. Wel een stukje over hoe mijn opa's gezin in Nederland voor het eerst kerst vierde: opgevangen in een vakantiedorp, met door de kerk gedoneerde ingrediënten voor het kerstdiner. Maar vooral: samen. Iets wat in jaren niet meer was gebeurd en ook jaren door politionele acties (= Indonesiës onafhankelijkheidsstrijd) niet meer zou gebeuren. Genietend van de liefde voor elkaar en dankbaar voor de naastenliefde van onbekende Nederlanders.

Misschien moeten we elkaar vaker dit soort verhalen vertellen over leven vanuit liefde als alternatief voor leven vanuit angst. Juist in deze dagen.

Zo moge het zijn.